
Richting Japan
Met Assassin’s Creed Shadows gooit Ubisoft het veertiende spel in de langlopende Assassin’s Creed-reeks onze richting uit. Grote nieuwigheden moet je, zoals vermeld in mijn review-in-progress, niet verwachten. Ubisoft speelt het op veilig en kopieert zijn succesformule uit de voorgaande games en past ze toe op een nieuwe regio in een nieuw continent. Voor het eerst trekt de serie namelijk naar Japan, waar we ons in de zestiende eeuw tussen de samoerais bevinden. Een interessante (en riskante) setting, zeker in een jaar waarin ook Ghost of Yotei, het langverwachte vervolg op Ghost of Tsushima, uitkomt.

Gekende elementen met nieuwe toevoegingen
Je kunt in deze game dus opnieuw rekenen op uitzichtpunten die je moet beklimmen, waarna interessante missies en verzamelobjecten in de omliggende regio op je kaart verschijnen. Niet alle quest markers verschijnen echter zomaar: voor de hoofdmissies moet je eerst een scout uitsturen naar een bepaalde regio om die te onderzoeken. Aan de hand van een aantal tips moet je afleiden waar op de kaart je doelwit zich bevindt. Met een druk op de knop verschijnt dan een perimeter waarbinnen je scout zal zoeken. Indien je juist bent, verschijnt de quest marker op de kaart. Heb je het mis, dan mag je het nogmaals proberen, tenzij je scouts op zijn. Die scouts worden gelukkig aangevuld wanneer het seizoen verandert of je kan er een aantal bijkopen wanneer je een hide-out betreedt. Daarover lees je later meer.
Assassin’s Creed Shadows volgt de klassieke RPG-structuur: een succesvolle missie levert je niet alleen betere wapens, maar ook XP en vaardigheidspunten op. Die punten kan je inzetten in een uitgebreide skill tree met maar liefst zes thema’s per personage. Per personage? Jawel, want voor het eerst in de geschiedenis van de reeks, krijg je niet één, maar twee protagonisten voorgeschoteld.

Naoe aan de top
Ik had het oorspronkelijk moeilijk met de opbouw van het verhaal in Assassin’s Creed Shadows. Na een korte introductie van Yasuke: een Afrikaanse samoerai, draaien de eerste tien uur van het verhaal enkel nog maar rond Naoe’s origin-story. Een vrouwelijke shinobi (oftewel ninja) die kwiek is op haar voeten en de dood op een geliefd familielid wil wreken. Na een uurtje of twaalf komen de twee elkaar pas tegen en kan je naar hartenlust kiezen op welk moment je met wie wil verder spelen. U herinnert zich misschien uit mijn review-in-progress dat ik vervolgens tegen heel wat problemen aanliep met Yasuke: hij kan namelijk niet klimmen of parkouren en is in de open wereld dus niet veel waard. Dit frustreerde me mateloos, vandaar dat ik niet spreek over twee volwaardige personages in dit spel, maar anderhalf personage: Naoe krijgt veel meer backstory, beweegt vlotter en is gewoon een stuk nuttiger in de open wereld. Zeker met haar grapple hook, waarmee ze elke tempel moeiteloos kan beklimmen en verborgen schatten op moeilijk te bereiken plaatsen kan ontdekken. Dit spel is duidelijk rond Naoe gemaakt en Yasuke werd er ergens achteraf wat bijgepropt.

En toch is Yasuke niet helemaal nutteloos, want met Yasuke kan je gewoon naar vijanden toe rennen en ze met bruut geweld een kopje kleiner maken. Yasuke’s (vecht)stijl is allesbehalve subtiel en dat is een leuke afwisseling tegenover Naoe’s geduldige stealth-aanpak. In de open wereld is Yasuke dan weer veel te traag en lomp. Het kwam er dus op aan om met Naoe de open wereld te verkennen en Yasuke enkel te gebruiken voor zijn eigen verhaalmissies of op plaatsen waar veel vijanden waren en ik niet geduldig iedereen een voor een met stealth wou uitschakelen. En ik neem aan dat ik niet de enige ben die het spel op deze manier zal spelen.

Meer wapens, meer gruwel
Leuke nieuwigheid: zowel Yasuke als Naoe kunnen een vijand zonder pardon onthoofden. Verder moet je van de combat niet veel verwachten: de aanvallen van je tegenstander krijgen een blauwe of een rode kleurindicator, waarbij je vervolgens moet parryen of dodgen. Een goed getimede dodge of parry levert je een voordeel op bij de tegenaanval. Het parry-systeem vind ik echter niet zo goed afgesteld, waardoor ik meestal de aanvallen ontwijk en vervolgens als een gek de R1-knop spam. Naoe beschikt over een Katana, een Kusarigama en een Tanto. Die eerste kan je het best vergelijken met een zwaard en de laatste is eerder een dolk voor snelle aanvallen. De Kusarigama is het interessantst tegen meerdere vijanden: die kan je rondslingeren en zo meerdere doelwitten tegelijk van je afhouden. Daarnaast heeft Naoe nog heel wat gekende stealth-attributen in haar arsenaal: ninja-sterren, rookbommen en bellen.
Yasuke moet het zonder al die toeters en bellen (heb je ‘m?) doen, maar kan wel twee wapens tegelijkertijd in zijn quick slot steken, waardoor je vlot van wapen kan wisselen tijdens gevechten. Daarbij kan je kiezen tussen een lange Katana, een Naginata (iets wat het midden houdt tussen een staf en een speer), een Kanabo (een soort knuppel) een Teppo (een geweer) en een boog. Van al deze wapens kan je meerdere versies (met verschillende levels en perks) vinden in kisten of vrijspelen door missies te voltooien. Als je het niveau van een bijzonder wapen wil upgraden naar dat van je personage, kan dat in de smederij in je hoeve. Zo kan je alsnog verder spelen met dat unieke wapen dat je aan het begin van het spel had gevonden, maar niet langer krachtig genoeg was.

Kwantiteit boven kwaliteit
De open wereld van Assassin’s Creed Shadows is opnieuw groot. Er zijn negen provincies om te verkennen en deze gebieden zitten allemaal tjokvol NPC’s om mee te praten, zijmissies om te voltooien en kisten vol outfits, wapens en resources om te openen. Maar daar stopt het bijlange nog niet, want daarnaast zijn er nog tempels waarbij je kan bidden in ruil voor wat XP, dieren die je moet observeren en schilderen in ruil voor accessoires om je hoeve mee in te richten, verloren pagina’s vinden … Het voordeel hiervan is dat er altijd wel iets in de buurt is om te ontdekken onderweg naar de volgende missie. Het grote nadeel is dat deze overload aan nevenactiviteiten je niet alleen afleidt van je hoofddoel, maar ook gewoon weinig meerwaarde biedt aan de beleving. Integendeel: het merendeel voelt aan als vulling om de speelduur van Assassin’s Creed Shadows te rekken. Met een verhaal dat al 40 uur in beslag neemt, lijkt me dat nergens voor nodig.
Soms doet Ubisoft ook volstrekt onnodige zaken: wanneer Naoe een Kuji-Kiri plek ontdekt, moet je eerst een minigame spelen waarbij je bepaalde knoppen indrukt op het juiste moment. Dit is niet vernieuwend, niet uitdagend en ronduit saai. De eerste paar keren word je daarna nog beloond met een flashback-missie, maar zodra dat element verdwijnt, begin je jezelf toch vragen te stellen waar je je tijd aan spendeert. Gelukkig is er een optie in het menu om deze quick time events automatisch te laten slagen. Dan kan je de controller even neerleggen, je duimen sparen en je voorraad kroepoek weer aanvullen.

Base building als bezigheidstherapie
Nu we het toch over nutteloze nieuwigheden hebben: Naoe heeft in haar thuisdorp een hoeve ter beschikking die je kan uitbreiden met een stal, een studeerruimte, een smederij, een dojo, een theeruimte en een Kakurega. Al die ruimtes kan je upgraden om verschillende voordelen in het spel vrij te spelen. Al is het me een raadsel waarom Ubisoft je een stal laat bouwen, maar je niet de optie geeft om daarin gebruik te maken van de paarden. Daarnaast vraag ik me ook af wie zijn tijd wil spenderen aan het inrichten van zijn dorp met verschillende soorten daken, andere kleurtjes voor de muren of het inrichten van een kast met kaarsen.
Wél nuttig zijn de verschillende Kakurega’s die je kan kopen in de wereld. Die bieden je een thuisbasis waar je snel naar kan reizen om je munitie en rantsoen aan te vullen, contracten (vermoord persoon X, verzamel item Y, plunder kamp Z) te aanvaarden en de reeds vernoemde scouts te refreshen. Oja, toch één nuttigheid aan al dat base builden: je kan meer scouts krijgen door je studeerruimte in de hoeve te upgraden. Iets wat ik zeker aanraad, want het duurt namelijk eventjes totdat ze uit zichzelf refreshen wanneer de seizoenen wisselen.

Op de flow van de seizoenen …
Die seizoenveranderingen zijn overigens wél een leuke toevoeging. Niet alleen zijn de cutscenes ervan adembenemend mooi, ze zorgen er ook écht voor dat je op het ene moment in de sneeuw speelt in een bepaalde regio en op het volgende moment (na een druk op de knop of na afronding van X aantal missies) in datzelfde gebied tussen de bloesems wandelt. De wereld van Assassin’s Creed Shadows ziet er erg mooi uit en de regio’s variëren van bergachtige landschappen naar uitgestrekte rijstvelden en van dichtbevolkte steden naar verlaten dorpen.

Persoonlijk vind ik het jammer dat de huizen en tempels vaak iets te ver uit elkaar staan, waardoor de parkour-opties beperkt zijn. Je kan wel extra sneaky doen door onder sommige huizen te kruipen en vervolgens door een luikje in de living op te duiken en je doelwit een kopje kleiner te maken terwijl die nietsvermoedend een theetje aan het drinken was.

… steeds op het betreden pad
Daarnaast zijn er ook een aantal steile heuvels die je niet kan beklimmen en bosrijke gebieden waar je geen hand voor je ogen ziet. Ubisoft heeft ongetwijfeld zijn best gedaan om Japan zo waarheidsgetrouw mogelijk voor te stellen, maar verplicht je daardoor letterlijk (met tips in het laadscherm) om je pathfinder aan te zetten en je via de betreden paden naar je doel te begeven. En dat vat de Assassin’s Creed-reeks eigenlijk mooi samen: het spel moet toegankelijk genoeg zijn voor het brede publiek en het verhaal moet behapbaar zijn zodat niemand er aanstoot aan neemt. Daardoor krijgen we in dit veertiende spel exact wat we van een Assassin’s Creed-game mogen verwachten. Fans zullen dat toejuichen, maar ik blijf toch een beetje op mijn honger zitten.

Conclusie
U merkt het: na heel wat extra uren rondlopen in Japan, ben ik milder geworden voor de tekortkomingen in Assassin’s Creed Shadows. Ja, de verhaalopbouw blijft een raadsel, Yasuke blijft nutteloos in de open wereld en Ubisoft heeft nog maar eens een veel te lange game gemaakt en die propvol zijmissies en verzamelobjecten gepropt …
… maar Assassin’s Creed Shadows is een meer dan degelijk spel. Grafisch is het piekfijn in orde en de gameplay-loop met de vele quest markers heeft nog steeds iets uitnodigend. Ubisoft vernieuwt in mijn ogen te weinig zaken ten gronde om te spreken van een echte topgame, maar heeft wél een mooi vervolg gebreid aan zijn succesvolle Assassin’s Creed-reeks.

